Soera 37 As-Saaffaat (Die in Rijen staan), vers 100 – 108
-
رَبِّ هَبْ لِي مِنَ الصَّالِحِينَ
Mijn Heer! Geef mij (nageslacht) van de rechtvaardigen.”
37:100 -
فَبَشَّرْنَاهُ بِغُلَامٍ حَلِيمٍ
Dus gaven Wij hem het goede nieuws van een verdraagzame jongen (Ismaiel).
37:101 -
فَلَمَّا بَلَغَ مَعَهُ السَّعْيَ قَالَ يَا بُنَيَّ إِنِّي أَرَىٰ فِي الْمَنَامِ أَنِّي أَذْبَحُكَ فَانْظُرْ مَاذَا تَرَىٰ ۚ قَالَ يَا أَبَتِ افْعَلْ مَا تُؤْمَرُ ۖ سَتَجِدُنِي إِنْ شَاءَ اللَّهُ مِنَ الصَّابِرِينَ
En toen hij oud genoeg was om samen met hem eropuit te trekken (de kost te winnen), zei hij: “O mijn zoon! Ik heb een droom gezien dat ik jou slacht wat denk jij daarvan!” Hij zei: “O mijn vader! Doe wat jou bevolen is als Allah het wil, zul jij mij onder de geduldigen vinden.”
37:102 -
فَلَمَّا أَسْلَمَا وَتَلَّهُ لِلْجَبِينِ
Toen, terwijl zij zich allebei onderworpen hadden en hij had hem knielend op zijn voorhoofd neergelegd;
37:103 -
وَنَادَيْنَاهُ أَنْ يَا إِبْرَاهِيمُ
En Wij riepen naar hem: “O Ibraahiem!
37:104 -
قَدْ صَدَّقْتَ الرُّؤْيَا ۚ إِنَّا كَذَٰلِكَ نَجْزِي الْمُحْسِنِينَ
Jij hebt de droom vervuld!” Waarlijk! Zo belonen Wij de weldoeners.
37:105 -
إِنَّ هَٰذَا لَهُوَ الْبَلَاءُ الْمُبِينُ
Waarlijk, dat was zeker een duidelijke beproeving –
37:106 -
وَفَدَيْنَاهُ بِذِبْحٍ عَظِيمٍ
En Wij hebben hem vrijgekocht met een groot offer.
37:107 -
وَتَرَكْنَا عَلَيْهِ فِي الْآخِرِينَ
En Wij lieten aan hem (een goede herinnering) onder de generaties in latere tijden.
37:108
Vertaling: Dutch Islamic Center