Soera 9 at-Tauba (Het Berouw), vers 25 – 27

  1. لَقَدْ نَصَرَكُمُ اللَّهُ فِي مَوَاطِنَ كَثِيرَةٍ ۙ وَيَوْمَ حُنَيْنٍ ۙ إِذْ أَعْجَبَتْكُمْ كَثْرَتُكُمْ فَلَمْ تُغْنِ عَنْكُمْ شَيْئًا وَضَاقَتْ عَلَيْكُمُ الْأَرْضُ بِمَا رَحُبَتْ ثُمَّ وَلَّيْتُمْ مُدْبِرِينَ

    Zeker, Allah heeft jullie de overwinning op vele (doorslaggevende) veldslagen gegeven, alsook op de dag van Hoenayn, toen jullie verheugd waren over jullie grote aantallen (nl. 12.000 strijders) maar deze (overmacht) was hen niet van nut (vanwege hun blakend zelfvertrouwen). En de aarde, zo groot als het was, sloot jullie in (totdat het jullie te benauwd werd), waardoor jullie (het slagveld) de rug toekeerden en op de vlucht sloegen (voor de minder talrijke vijand).

    9:25
  2. ثُمَّ أَنْزَلَ اللَّهُ سَكِينَتَهُ عَلَىٰ رَسُولِهِ وَعَلَى الْمُؤْمِنِينَ وَأَنْزَلَ جُنُودًا لَمْ تَرَوْهَا وَعَذَّبَ الَّذِينَ كَفَرُوا ۚ وَذَٰلِكَ جَزَاءُ الْكَافِرِينَ

    Daarop heeft Allah Zijn Rust doen neerdalen in de (harten van de) boodschapper en die van de gelovigen. En (Hij) stuurde hulptroepen (bestaande uit engelen) die jullie niet konden waarnemen, en strafte (daarmee) de ongelovigen. Dat is de vergoeding voor de ongelovigen (en ongetwijfeld hun verdiende loon).

    9:26
  3. ثُمَّ يَتُوبُ اللَّهُ مِنْ بَعْدِ ذَٰلِكَ عَلَىٰ مَنْ يَشَاءُ ۗ وَاللَّهُ غَفُورٌ رَحِيمٌ

    Na (deze vernederende bestraffing) zal Allah het berouw accepteren van wie Hij wil. En Allah is de meest Genadevolle, de meest Barmhartige.

    9:27

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum