Soera 8 el-Anfaal (De Oorlogsbuit), vers 2 – 4

  1. إِنَّمَا الْمُؤْمِنُونَ الَّذِينَ إِذَا ذُكِرَ اللَّهُ وَجِلَتْ قُلُوبُهُمْ وَإِذَا تُلِيَتْ عَلَيْهِمْ آيَاتُهُ زَادَتْهُمْ إِيمَانًا وَعَلَىٰ رَبِّهِمْ يَتَوَكَّلُونَ

    De gelovigen zijn slechts degenen die, als Allah genoemd wordt, vrees voelen in hun hart en als Zijn verzen voor hen gereciteerd worden laten zij hun geloof toenemen; en zij leggen hun vertrouwen in hun Heer;

    8:2
  2. الَّذِينَ يُقِيمُونَ الصَّلَاةَ وَمِمَّا رَزَقْنَاهُمْ يُنْفِقُونَ

    Degene die het gebed perfect verricht en uitgeeft van wat Wij hen voorzien hebben.

    8:3
  3. أُولَٰئِكَ هُمُ الْمُؤْمِنُونَ حَقًّا ۚ لَهُمْ دَرَجَاتٌ عِنْدَ رَبِّهِمْ وَمَغْفِرَةٌ وَرِزْقٌ كَرِيمٌ

    Zij zijn het die gelovigen in de waarheid zijn. Voor hen zijn er niveaus van waardigheid bij hen Heer en vergeving en een geweldige voorziening.

    8:4

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum