Soera 89 Al-Fadjr (De Dageraad), vers 6 – 14

  1. أَلَمْ تَرَ كَيْفَ فَعَلَ رَبُّكَ بِعَادٍ

    Heb jij (o Mohammed) niet gezien hoe jouw Heer met de Aad heeft gehandeld?

    89:6
  2. إِرَمَ ذَاتِ الْعِمَادِ

    De stad Iram met haar hoge pilaren.

    89:7
  3. الَّتِي لَمْ يُخْلَقْ مِثْلُهَا فِي الْبِلَادِ

    Zoals nog nooit in het land geschapen zijn?

    89:8
  4. وَثَمُودَ الَّذِينَ جَابُوا الصَّخْرَ بِالْوَادِ

    En (met) de Thamoed, die rotsen uithieuwen in het dal?

    89:9
  5. وَفِرْعَوْنَ ذِي الْأَوْتَادِ

    En (met) de Farao die pinnen had.

    89:10
  6. الَّذِينَ طَغَوْا فِي الْبِلَادِ

    Die in het land de grenzen overschreden.

    89:11
  7. فَأَكْثَرُوا فِيهَا الْفَسَادَ

    En veel ellende daarin veroorzaakten.

    89:12
  8. فَصَبَّ عَلَيْهِمْ رَبُّكَ سَوْطَ عَذَابٍ

    Aldus heeft jullie Heer verschillende soorten martelingen over hen uitgestort.

    89:13
  9. إِنَّ رَبَّكَ لَبِالْمِرْصَادِ

    Waarlijk, jullie Heer is meest waakzaam (over hen).

    89:14

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum