Soera 54 Al-Qamar (De Maan), vers 1 – 8
-
اقْتَرَبَتِ السَّاعَةُ وَانْشَقَّ الْقَمَرُ
Het uur is nabij gekomen en de maan is gespleten.
54:1 -
وَإِنْ يَرَوْا آيَةً يُعْرِضُوا وَيَقُولُوا سِحْرٌ مُسْتَمِرٌّ
En als zij een teken zien, keren zij zich af en zeggen: “Dit is krachtige magie.”
54:2 -
وَكَذَّبُوا وَاتَّبَعُوا أَهْوَاءَهُمْ ۚ وَكُلُّ أَمْرٍ مُسْتَقِرٌّ
Zij verloochenden, en volgden hun eigen lusten. En elke zaak heeft zijn bestemming.
54:3 -
وَلَقَدْ جَاءَهُمْ مِنَ الْأَنْبَاءِ مَا فِيهِ مُزْدَجَرٌ
En voorwaar er is tot hen nieuws gekomen waarin zich een duidelijke waarschuwing bevindt.
54:4 -
حِكْمَةٌ بَالِغَةٌ ۖ فَمَا تُغْنِ النُّذُرُ
Perfecte wijsheid maar hebben de waarschuwers voor hen wel nut?
54:5 -
فَتَوَلَّ عَنْهُمْ ۘ يَوْمَ يَدْعُ الدَّاعِ إِلَىٰ شَيْءٍ نُكُرٍ
Trek je daarom van hen terug. De dag dat de oproeper (hen) zal roepen is een vreselijk iets.
54:6 -
خُشَّعًا أَبْصَارُهُمْ يَخْرُجُونَ مِنَ الْأَجْدَاثِ كَأَنَّهُمْ جَرَادٌ مُنْتَشِرٌ
Zij zullen met nederige blik uit (hun) graven voortkomen alsof zij sprinkhanen zijn die zich verspreiden.
54:7 -
مُهْطِعِينَ إِلَى الدَّاعِ ۖ يَقُولُ الْكَافِرُونَ هَٰذَا يَوْمٌ عَسِرٌ
Zich tot de oproeper haastend (uit angst)! De ongelovigen zullen zeggen: “Dit is een moeilijke dag.”
54:8
Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum