Soera 53 An-Nadjm (De Ster), vers 1 – 10

  1. وَالنَّجْمِ إِذَا هَوَىٰ

    Bij de ster wanneer die neervalt.

    53:1
  2. مَا ضَلَّ صَاحِبُكُمْ وَمَا غَوَىٰ

    Jullie metgezel (Mohammed) is niet afgedwaald en hij is niet van de waarheid afgeweken.

    53:2
  3. وَمَا يَنْطِقُ عَنِ الْهَوَىٰ

    Noch spreekt hij uit eigen verlangen.

    53:3
  4. إِنْ هُوَ إِلَّا وَحْيٌ يُوحَىٰ

    Het is slechts een openbaring die geopenbaard is.

    53:4
  5. عَلَّمَهُ شَدِيدُ الْقُوَىٰ

    Hij is onderwezen door de stevige kracht (djibriel).

    53:5
  6. ذُو مِرَّةٍ فَاسْتَوَىٰ

    De bezitter van kracht, die zich vervolgens verhief.

    53:6
  7. وَهُوَ بِالْأُفُقِ الْأَعْلَىٰ

    Terwijl hij aan het hoogste gedeelte van de horizon stond.

    53:7
  8. ثُمَّ دَنَا فَتَدَلَّىٰ

    Terwijl hij (de engel de Profeet Mohammed) naderde en dichterbij kwam.

    53:8
  9. فَكَانَ قَابَ قَوْسَيْنِ أَوْ أَدْنَىٰ

    En op een afstand van twee booglengten of zelf minder.

    53:9
  10. فَأَوْحَىٰ إِلَىٰ عَبْدِهِ مَا أَوْحَىٰ

    Zo verkondigde (Allah) de openbaring aan Zijn dienaar.

    53:10

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum