Soera 4 An-nisa (De Vrouwen), vers 157 – 158

  1. وَقَوْلِهِمْ إِنَّا قَتَلْنَا الْمَسِيحَ عِيسَى ابْنَ مَرْيَمَ رَسُولَ اللَّهِ وَمَا قَتَلُوهُ وَمَا صَلَبُوهُ وَلَٰكِنْ شُبِّهَ لَهُمْ ۚ وَإِنَّ الَّذِينَ اخْتَلَفُوا فِيهِ لَفِي شَكٍّ مِنْهُ ۚ مَا لَهُمْ بِهِ مِنْ عِلْمٍ إِلَّا اتِّبَاعَ الظَّنِّ ۚ وَمَا قَتَلُوهُ يَقِينًا

    En voor hun uitspraak: “Wij hebben de Messias, Isa de zoon van Maryam (aleihi salaam) gedood – maar zij hebben hem niet gedood, noch hem gekruisigd, maar de gelijkenis van Isa werd op een andere man gelegd, en degenen die daarin van mening verschillen zitten vol twijfel met geen kennis, zij volgen niets anders dan gissingen voor een zekerheid, zij doodden hem niet.

    4:157
  2. بَلْ رَفَعَهُ اللَّهُ إِلَيْهِ ۚ وَكَانَ اللَّهُ عَزِيزًا حَكِيمًا

    Maar Allah heeft hem doen tot zich opgeheven. En Allah is altijd Almachtig, Alwijs.

    4:158

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum