Soera 2 Albaqarah (De Koe), vers 97 – 98

  1. قُلْ مَنْ كَانَ عَدُوًّا لِجِبْرِيلَ فَإِنَّهُ نَزَّلَهُ عَلَىٰ قَلْبِكَ بِإِذْنِ اللَّهِ مُصَدِّقًا لِمَا بَيْنَ يَدَيْهِ وَهُدًى وَبُشْرَىٰ لِلْمُؤْمِنِينَ

    Zeg: “Iedereen die een vijand van Jibriël is, waarlijk hij heeft het (de Koran) gebracht, door Allah Zijn toestemming, recht naar je hart, bevestigend wat vóór was en als Leiding en goed nieuws voor de gelovigen.

    2:97
  2. مَنْ كَانَ عَدُوًّا لِلَّهِ وَمَلَائِكَتِهِ وَرُسُلِهِ وَجِبْرِيلَ وَمِيكَالَ فَإِنَّ اللَّهَ عَدُوٌّ لِلْكَافِرِينَ

    Iedereen die een vijand van Allah, Zijn Engelen, Zijn Boodschappers, Jibriël en Mikaa'il is, waarlijk Allah is een vijand voor de ongelovigen.

    2:98

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum