Soera 2 Albaqarah (De Koe), vers 142 – 150

  1. سَيَقُولُ السُّفَهَاءُ مِنَ النَّاسِ مَا وَلَّاهُمْ عَنْ قِبْلَتِهِمُ الَّتِي كَانُوا عَلَيْهَا ۚ قُلْ لِلَّهِ الْمَشْرِقُ وَالْمَغْرِبُ ۚ يَهْدِي مَنْ يَشَاءُ إِلَىٰ صِرَاطٍ مُسْتَقِيمٍ

    De dwazen onder het volk zullen zeggen: “Wat heeft hen van de gebedsrichting richting Jeruzalem af laten keren, waartoe zij gewend waren zich te richten.” Zeg: “Aan Allah behoort zowel het Oosten als het Westen toe, Hij leidt wie Hij wil op het rechte pad.”

    2:142
  2. وَكَذَٰلِكَ جَعَلْنَاكُمْ أُمَّةً وَسَطًا لِتَكُونُوا شُهَدَاءَ عَلَى النَّاسِ وَيَكُونَ الرَّسُولُ عَلَيْكُمْ شَهِيدًا ۗ وَمَا جَعَلْنَا الْقِبْلَةَ الَّتِي كُنْتَ عَلَيْهَا إِلَّا لِنَعْلَمَ مَنْ يَتَّبِعُ الرَّسُولَ مِمَّنْ يَنْقَلِبُ عَلَىٰ عَقِبَيْهِ ۚ وَإِنْ كَانَتْ لَكَبِيرَةً إِلَّا عَلَى الَّذِينَ هَدَى اللَّهُ ۗ وَمَا كَانَ اللَّهُ لِيُضِيعَ إِيمَانَكُمْ ۚ إِنَّ اللَّهَ بِالنَّاسِ لَرَءُوفٌ رَحِيمٌ

    Dus hebben Wij van jullie een rechtvaardig volk gemaakt (de oemmah van Mohammed), dat je getuige zal zijn voor de mensheid en de boodschapper is de getuige voor jullie. En We hebben de gebedsrichting richting Jeruzalem slechts gemaakt om degene die de boodschapper volgt te onderscheiden van degene die op zijn hielen terugkeert. Waarlijk, het was groot behalve voor degene die Allah heeft geleid. En Allah zal jullie geloof nooit verloren laten gaan. Waarlijk, Allah is vol vriendelijkheid, de meest Genadevolle voor de mensheid.

    2:143
  3. قَدْ نَرَىٰ تَقَلُّبَ وَجْهِكَ فِي السَّمَاءِ ۖ فَلَنُوَلِّيَنَّكَ قِبْلَةً تَرْضَاهَا ۚ فَوَلِّ وَجْهَكَ شَطْرَ الْمَسْجِدِ الْحَرَامِ ۚ وَحَيْثُ مَا كُنْتُمْ فَوَلُّوا وُجُوهَكُمْ شَطْرَهُ ۗ وَإِنَّ الَّذِينَ أُوتُوا الْكِتَابَ لَيَعْلَمُونَ أَنَّهُ الْحَقُّ مِنْ رَبِّهِمْ ۗ وَمَا اللَّهُ بِغَافِلٍ عَمَّا يَعْمَلُونَ

    Waarlijk! Wij hebben gezien dat jij je gezicht naar de hemel toe keerde. Zeker, Wij zullen je tot een gebedsrichting laten keren waar je tevreden over bent, richt je gezicht dus in de richting van de Masdjied al-Haram. En waar je mensen ook zijn, richt jullie gezichten in die richting. Waarlijk de mensen die het schrift is gegeven, weten goed wat de waarheid van jullie Heer is. En Allah is niet onachtzaam overwat jullie doen.

    2:144
  4. وَلَئِنْ أَتَيْتَ الَّذِينَ أُوتُوا الْكِتَابَ بِكُلِّ آيَةٍ مَا تَبِعُوا قِبْلَتَكَ ۚ وَمَا أَنْتَ بِتَابِعٍ قِبْلَتَهُمْ ۚ وَمَا بَعْضُهُمْ بِتَابِعٍ قِبْلَةَ بَعْضٍ ۚ وَلَئِنِ اتَّبَعْتَ أَهْوَاءَهُمْ مِنْ بَعْدِ مَا جَاءَكَ مِنَ الْعِلْمِ ۙ إِنَّكَ إِذًا لَمِنَ الظَّالِمِينَ

    En zelfs als je de mensen van het boek alle tekenen had gebracht, zouden zij jouw gebedsrichting niet volgen, noch zal jij hun gebedsrichting volgen en zij volgen ook niet elkaars gebedsrichting. Waarlijk, als je hun wensen volgt, nadat je kennis hebt gekregen dan ben je waarlijk één van de onrechtvaardigen.

    2:145
  5. الَّذِينَ آتَيْنَاهُمُ الْكِتَابَ يَعْرِفُونَهُ كَمَا يَعْرِفُونَ أَبْنَاءَهُمْ ۖ وَإِنَّ فَرِيقًا مِنْهُمْ لَيَكْتُمُونَ الْحَقَّ وَهُمْ يَعْلَمُونَ

    Degenen die Wij de Schrift hebben gegeven herkennen hem zoals zij hun zonen herkennen, waarlijk een deel van hen bedekt de waarheid terwijl zij die kennen.

    2:146
  6. الْحَقُّ مِنْ رَبِّكَ ۖ فَلَا تَكُونَنَّ مِنَ الْمُمْتَرِينَ

    Dit is de Waarheid van jullie Heer. Behoor dus niet bij degenen die twijfelen.

    2:147
  7. وَلِكُلٍّ وِجْهَةٌ هُوَ مُوَلِّيهَا ۖ فَاسْتَبِقُوا الْخَيْرَاتِ ۚ أَيْنَ مَا تَكُونُوا يَأْتِ بِكُمُ اللَّهُ جَمِيعًا ۚ إِنَّ اللَّهَ عَلَىٰ كُلِّ شَيْءٍ قَدِيرٌ

    Voor ieder volk is een richting waar zij hun gezicht toe wenden. Haast jullie dus tot al wat goed is. Waar jullie ook zijn, Allah zal jullie samenbrengen. Waarlijk Allah is tot alle dingen in staat.

    2:148
  8. وَمِنْ حَيْثُ خَرَجْتَ فَوَلِّ وَجْهَكَ شَطْرَ الْمَسْجِدِ الْحَرَامِ ۖ وَإِنَّهُ لَلْحَقُّ مِنْ رَبِّكَ ۗ وَمَا اللَّهُ بِغَافِلٍ عَمَّا تَعْمَلُونَ

    En waar u uw gebeden ook begint, wend uw gezicht in de richting van de Masdjied al-Haram, dat is zeker de waarheid van uw Heer. En Allah is niet onachtzaam overwat jullie doen.

    2:149
  9. وَمِنْ حَيْثُ خَرَجْتَ فَوَلِّ وَجْهَكَ شَطْرَ الْمَسْجِدِ الْحَرَامِ ۚ وَحَيْثُ مَا كُنْتُمْ فَوَلُّوا وُجُوهَكُمْ شَطْرَهُ لِئَلَّا يَكُونَ لِلنَّاسِ عَلَيْكُمْ حُجَّةٌ إِلَّا الَّذِينَ ظَلَمُوا مِنْهُمْ فَلَا تَخْشَوْهُمْ وَاخْشَوْنِي وَلِأُتِمَّ نِعْمَتِي عَلَيْكُمْ وَلَعَلَّكُمْ تَهْتَدُونَ

    En waar jij ook vandaan vertrekt, wend jouw gezicht in de richting van de Masdjied al-Haram (de moskee van Mekkah) en waar jullie ook zijn richt jullie er naartoe, zodat de mensen geen argumenten tegen jullie hebben, behalve degenen die zondaren zijn, vrees hen dus niet, maar vrees Mij! Zo heb Ik Mijn zegeningen over jullie voltooid en dat jullie geleid mogen worden.

    2:150

Vertaling: Dutch Islamic Center