Soera 27 An-Naml (De Mieren), vers 80 – 81

  1. إِنَّكَ لَا تُسْمِعُ الْمَوْتَىٰ وَلَا تُسْمِعُ الصُّمَّ الدُّعَاءَ إِذَا وَلَّوْا مُدْبِرِينَ

    Waarlijk, je kunt de doden niet laten horen noch kan je de doven de oproep laten horen, als zij vluchten, hun rug toekeren (daarom is het shirk om naast Allah iets of iemand aan te roepen).

    27:80
  2. وَمَا أَنْتَ بِهَادِي الْعُمْيِ عَنْ ضَلَالَتِهِمْ ۖ إِنْ تُسْمِعُ إِلَّا مَنْ يُؤْمِنُ بِآيَاتِنَا فَهُمْ مُسْلِمُونَ

    Noch kan je de blinden uit hun dwaling leiden, je kunt alleen degenen die in Onze tekenen geloven laten horen, en degenen die zich onderworpen (die de Islam naleven) hebben.

    27:81

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum