Soera 23 Al-Moeminoen (De Gelovigen), vers 55 – 56

  1. أَيَحْسَبُونَ أَنَّمَا نُمِدُّهُمْ بِهِ مِنْ مَالٍ وَبَنِينَ

    Denken zij dat Wij hen in hun weelde en kinderen zullen vermeerderen,

    23:55
  2. نُسَارِعُ لَهُمْ فِي الْخَيْرَاتِ ۚ بَلْ لَا يَشْعُرُونَ

    Wij bespoedigen Ons tot hen met goede zaken. Nee, maar zij zien dat niet (omdat het hart ziek is of zelfs blind is).

    23:56

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum