Soera 21 Al-Anbijaa (De Profeten), vers 96 – 97

  1. حَتَّىٰ إِذَا فُتِحَتْ يَأْجُوجُ وَمَأْجُوجُ وَهُمْ مِنْ كُلِّ حَدَبٍ يَنْسِلُونَ

    Tot Gog en Magog worden losgelaten, en zij snel over iedere omwalling uitzwermen.

    21:96
  2. وَاقْتَرَبَ الْوَعْدُ الْحَقُّ فَإِذَا هِيَ شَاخِصَةٌ أَبْصَارُ الَّذِينَ كَفَرُوا يَا وَيْلَنَا قَدْ كُنَّا فِي غَفْلَةٍ مِنْ هَٰذَا بَلْ كُنَّا ظَالِمِينَ

    En de Ware Belofte zal nabij zijn. Dan, zul je de ogen van de ongelovigen in afgrijzen zien staren. “Wee voor ons! Wij waren hier beslist achteloos voor; nee, wij waren niets dan onrechtvaardigen.”

    21:97

Vertaling: Dutch Islamic Center