Soera 20 Taa Haa, vers 90 – 94

  1. وَلَقَدْ قَالَ لَهُمْ هَارُونُ مِنْ قَبْلُ يَا قَوْمِ إِنَّمَا فُتِنْتُمْ بِهِ ۖ وَإِنَّ رَبَّكُمُ الرَّحْمَٰنُ فَاتَّبِعُونِي وَأَطِيعُوا أَمْرِي

    En Haaroen had zeker al vooraf gezegd: “O mijn volk! Jullie worden hierin beproefd en waarlijk jullie Heer is (Allah) de meest Barmhartige volg mij dus en gehoorzaam mijn bevel.”

    20:90
  2. قَالُوا لَنْ نَبْرَحَ عَلَيْهِ عَاكِفِينَ حَتَّىٰ يَرْجِعَ إِلَيْنَا مُوسَىٰ

    Zij zeiden: “Wij zullen niet stoppen het te aanbidden tot Moesa naar ons terugkeert.”

    20:91
  3. قَالَ يَا هَارُونُ مَا مَنَعَكَ إِذْ رَأَيْتَهُمْ ضَلُّوا

    Moesa zei: “O Haaroen! Wat heeft je weerhouden toen je zag dat zij afdwaalden?”

    20:92
  4. أَلَّا تَتَّبِعَنِ ۖ أَفَعَصَيْتَ أَمْرِي

    Dat zij mij niet volgden? Was jij dan ongehoorzaam aan mijn bevel?”

    20:93
  5. قَالَ يَا ابْنَ أُمَّ لَا تَأْخُذْ بِلِحْيَتِي وَلَا بِرَأْسِي ۖ إِنِّي خَشِيتُ أَنْ تَقُولَ فَرَّقْتَ بَيْنَ بَنِي إِسْرَائِيلَ وَلَمْ تَرْقُبْ قَوْلِي

    Hij zei: “O zoon van mijn moeder! Grijp mij niet bij mijn baard en ook niet bij mijn hoofd! Waarlijk, ik vrees dat je zou zeggen: “Je hebt voor een scheiding tussen de Kinderen van Israël gezorgd, en jij hebt niet op mijn woord gewacht!”

    20:94

Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum