Soera 12 Joesoef (Jozef), vers 93 – 97
-
اذْهَبُوا بِقَمِيصِي هَٰذَا فَأَلْقُوهُ عَلَىٰ وَجْهِ أَبِي يَأْتِ بَصِيرًا وَأْتُونِي بِأَهْلِكُمْ أَجْمَعِينَ
Ga met mijn hemd en leg het over het gezicht van mijn vader, hij zal dan ziende worden en breng mij al jullie familie.”
12:93 -
وَلَمَّا فَصَلَتِ الْعِيرُ قَالَ أَبُوهُمْ إِنِّي لَأَجِدُ رِيحَ يُوسُفَ ۖ لَوْلَا أَنْ تُفَنِّدُونِ
En toen de karavaan vertrok, zei hun vader: “Ik ruik zeker de geur van Yoesoef, als jullie mij maar niet als kinds zien.”
12:94 -
قَالُوا تَاللَّهِ إِنَّكَ لَفِي ضَلَالِكَ الْقَدِيمِ
Zij zeiden: “Bij Allah! Zeker, jij maakt een oude vergissing.”
12:95 -
فَلَمَّا أَنْ جَاءَ الْبَشِيرُ أَلْقَاهُ عَلَىٰ وَجْهِهِ فَارْتَدَّ بَصِيرًا ۖ قَالَ أَلَمْ أَقُلْ لَكُمْ إِنِّي أَعْلَمُ مِنَ اللَّهِ مَا لَا تَعْلَمُونَ
Toen de brenger van het goede nieuws aankwam, gooide hij het (hemd) over zijn gezicht en hij werd ziende. Hij zei: “Heb ik jullie niet gezegd: “Ik weet van Allah wat jullie niet weten.”
12:96 -
قَالُوا يَا أَبَانَا اسْتَغْفِرْ لَنَا ذُنُوبَنَا إِنَّا كُنَّا خَاطِئِينَ
Zij zeiden: “O vader! Vraag om vergiffenis (van Allah) voor onze zonden, wij zijn inderdaad zondaren geweest.”
12:97
Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum