Soera 12 Joesoef (Jozef), vers 110 – 111
-
حَتَّىٰ إِذَا اسْتَيْأَسَ الرُّسُلُ وَظَنُّوا أَنَّهُمْ قَدْ كُذِبُوا جَاءَهُمْ نَصْرُنَا فَنُجِّيَ مَنْ نَشَاءُ ۖ وَلَا يُرَدُّ بَأْسُنَا عَنِ الْقَوْمِ الْمُجْرِمِينَ
Tot de Boodschappers bijna de hoop hebben opgegeven en dachten dat zij ontkend werden, toen kwam tot hen Onze hulp en iedereen die Wij wilden werd gered. En Onze bestraffing kan niet door de mensen die misdadigers zijn afgewend worden.
12:110 -
لَقَدْ كَانَ فِي قَصَصِهِمْ عِبْرَةٌ لِأُولِي الْأَلْبَابِ ۗ مَا كَانَ حَدِيثًا يُفْتَرَىٰ وَلَٰكِنْ تَصْدِيقَ الَّذِي بَيْنَ يَدَيْهِ وَتَفْصِيلَ كُلِّ شَيْءٍ وَهُدًى وَرَحْمَةً لِقَوْمٍ يُؤْمِنُونَ
Voorwaar, in hun verhalen is er een les voor de mensen van begrip. Het is niet een verzonnen uitspraak maar een bevestiging van dat wat daarvoor (aan Boeken van Allah) is geopenbaard en een nauwkeurige uitleg van alles en een leiding en een genade voor de mensen die geloven.
12:111
Vertaling: Nederlands Islamitisch Centrum