Soera 11 Hoed, vers 72 – 73

  1. قَالَتْ يَا وَيْلَتَىٰ أَأَلِدُ وَأَنَا عَجُوزٌ وَهَٰذَا بَعْلِي شَيْخًا ۖ إِنَّ هَٰذَا لَشَيْءٌ عَجِيبٌ

    Zij zei: “Wee voor mij! Zal ik een kind dragen terwijl ik een oude vrouw ben en mijn echtgenoot een oude man? Waarlijk! Dit is een vreemde zaak!”

    11:72
  2. قَالُوا أَتَعْجَبِينَ مِنْ أَمْرِ اللَّهِ ۖ رَحْمَتُ اللَّهِ وَبَرَكَاتُهُ عَلَيْكُمْ أَهْلَ الْبَيْتِ ۚ إِنَّهُ حَمِيدٌ مَجِيدٌ

    Zij zeiden: “Verwonder jij je over het besluit van Allah? De genade van Allah en Zijn zegeningen zijn over jullie, o bewoners van het huis. Zeker, Hij is prijzenswaardig, Glorieus.”

    11:73

Vertaling: Dutch Islamic Center